IJsbreker

Mijn fantasie heeft me al jaren geleden in de steek gelaten; spreekwoordelijk althans. Wat naïef heb ik ooit gedacht dat mijn voorzichtige transitie -30 jaar door het huis sluipen op pumps, maar fluisterend mijn geheim delen met Lief C, voorzichtig verder gaan met kledingswitchen, alvast langzaam aan met de hormonen aan de slag, alvast grotendeels als vrouw leven een maand of acht per jaar in het buitenland- de opmaat vormde voor een nog voorzichtiger ingezet leven in eigen land.

Zoals gezegd, wat naïef; misschien wel dom en beslist, spreekwoordelijk, fantasieloos om zo te denken. Het tegendeel is waar. Nu bijna een jaar na mijn coming-out naar de dochters denk ik dat de typering ijsbreker een betere is. Met volle kracht vooruit; af en toe wat gas terugnemend en dan weer een leuk duwtje verder voltrekt zich mijn transitie. Overal om me heen kraakt en schuurt het als een nieuw evenwicht in de krachtenvelden gezocht moet worden.

Mijn ijsbreker verplettert niet, maar neemt voordurend gas terug en probeert nog steeds zo voorzichtig verder te komen. Toch is gekraak en geknars om me heen niet te vermijden. Wat simpel heb ik ooit gedacht dat de coming-out al tientallen jaren geleden naar Lief C, en pas een jaar geleden naar de dochters, de grootste schok zou opleveren. In feite was dat ook wel zo; daarna zou alles vanzelf goed komen, leek me. Over de naschokken heb ik niet zo nagedacht.

Nu, een jaar later, schokt het nog steeds. Voor de meest dierbaren in je omgeving is er iedere dag, al leef je al geruime tijd 24/7 als vrouw, een nieuwe coming-out. Dagelijks trilt het even, zoeken krachten grommend en krakend een nieuw evenwicht; de eerste shawl om mijn hoofd in plaats van mijn mutsjes, het nog strakkere shirtje, de eerste panty, de eerste jurk, sierraad of make-up. Een afspraak bij de VU, de logopediste, een andere hormoonpleister, allebei dezelfde laarsjes willen hebben; telkens schokt de vertrouwde wereld weer even. Zelfs voor Lief C; ook je vernieuwde, bestaande, relatie –die door de buitenwereld o zo snel stigmatiserend wordt ingevuld- schokt nog met regelmaat op haar grondvesten.

Voorzichtig schuift de ijsbreker weer een stukje verder. Als ik afscheid neem geeft dochter me drie van haar bh’s, cup A; ze gebruikt ze het komend jaar, zelfvoedend, toch niet meer.

Weer een stapje verder, een acceptatieschokje; dit keer mijn voorgevel.

Advertenties

Leesmap

Ik had ooit een intensieve relatie met de leesmap. Niet dat we thuis zo’n ding hadden, neen. Driemaandelijks was mijn gemillimeterde haar toe aan een beurt met de tondeuse; en de leesmap. Even een moment vrij van NRC, Volkskrant en FD; even een zaterdagje leesmap. De leesmap was gesplitst, voor mijn soort mens restte alleen bladen als Voetbal International, de Nieuwe Revu, Panorama, Autoweek en Actueel.

Inmiddels al weer tien jaar verder durf ik te bekennen dat mijn interesse eigenlijk bij de Viva en de  Flair lag.

Na een jaar hormonen begon ook mijn haar weer wat te groeien. Verrast riep de kapster, toen ik een middagje met Lief C meeging, “weet u dat u twee soorten haartjes hebt; dunne sprietjes en korte dikkere?” Nog onwetend hoe het ooit met me zal verder gaan besluit ik de dikkere korte haartjes een kans te geven; ik laat mijn haar groeien. Telkens als ik in Nederland naar de kapster ga mag ze de nieuwe haartjes een extra kans geven, de gespleten puntjes verwijderen; telkens in het buitenland strijd ik voor mijn genderidentitiet “I am a woman; I want a female haircut”. De Singaporese stagair in Maleisië begrijpt me niet helemaal; het is ook wel moeilijk die kale vrouw zonder hoofddoekje niet als man te zien. Nog net kan ik een stevige knipbeurt van mijn zorgvuldig gekoesterde lengende haren voorkomen. Er een beetje af halen of er nog een beetje op laten staan ligt kennelijk taalkundig dicht bij elkaar.

Nog maar nauwelijks begonnen aan mijn Viva ben ik al aan de beurt. Als ik mijn hoofddoekje af doe, is ze verrast, op de kale bol staan nog steeds donshaartjes die vechten voor hun bestaan, maar de rand erom heen is inmiddels een centimeter of vijftien lang. Jolig springen ze onder mijn shawls en mutsjes uit; af en toe liften ze zelfs mee in mijn haarklem. Langer, steviger en steeds meer; de kale bol zal wel nooit een bos worden, de rest doet stevig z’n best. Resultaat van drie jaar Androcur.

Een van de minst vrouwelijke gedaantes die me in het leven overkomen; met een gewassen hoofd in de kapsalon tussen de dames om me heen, naarstig vrouw zitten te zijn ondanks de hinder van een wel heel erg manlijke hoofdoutfit. De kapsters; een van de eerste plekken waar ik me echt als vrouw in het klantsysteem heb laten zetten. Een speciaal plekje wat buiten de eerste vragende blikken geeft me toch weer iets van mijn vrouwgevoel terug.

Als de puntjes er van af zijn en de haarlijn weer wat minder kartelig is, ben ik klaar; mijn hoofddoekje mag weer om, zelfs de krulletjes spelen er weer onderuit. Nog een paar maanden, dan rust het op mijn schouders.

Lief C heeft wat langer nodig. Ik kan nog even terug naar mijn Viva.