Sweet Sixteen

Ik weet niet wat er is, maar sinds een paar jaar –zeg maar sinds mijn verjongingskuur- word ik steeds meer belaagd door wespen, muggen, steekvliegen en andere “gewapende” insecten. Alsof ik van binnen lekkerder ben geworden.

Wat ik ook smeer, spray of rol, welke deet of muggenolie ik ook maar neem, het lijkt wel of ik van binnen zo lekker ben dat elk bewapend insect alle stank voor lief neemt.

Ik bevind me in goed gezelschap. Mijn Lief wordt al jaren waar we maar zijn, belaagd. Haar zoete bloed is vast wereldbefaamd. Waar we ook maar komen, haar muggenbulten zijn een graadmeter voor de snelheid waarmee het gevaar weer is op gedoken.

Zou mijn bloed door de veranderde hormoonhuishouding nu zo zijn veranderd, zoveel zoeter zijn geworden? Ik weet het niet. Voorlopig houd ik het er maar op dat ze nu ook voor mij gaan vallen.

Sweet Sixty!

Advertenties

Mea Culpa

Als ik weer eens minutenlang op de bodem van mijn tas op zoek ben naar mijn sleutels, realiseer ik het me pas goed. Geduldig en met een mega-glimlach kijkt ze geamuseerd naar mijn gestuntel.

Wat heb ik mijn lief, 30-35 jaar lang, toch een onrecht aangedaan. Ik schaam me diep. Jarenlang heb ik, in een poging tot overmannelijke compensatie, mijn Lief achterna gezeten. Niet altijd van liefde, maar vaak ook wat geïrriteerd.

Koop dan een kleinere handtas! Ruim je rotzooi toch op! Breng toch eens structuur aan! Ben je nu nog niet klaar. Kun je nu echt niet inparkeren? Kun je nu nog steeds geen kaartlezen? Of bij een sprong vanaf ons drijvende kantoor, op een steiger of rots “spring dan”. Allemaal eindigend met het allerergste; ik leg het je nog één keer uit en probeer je het nu dan wel te onthouden!

Eigenlijk schrijf ik dit blog met tranen in mijn ogen. Wat heb ik me al die jaren toch vergist. Zoals gezegd, ik schaam met tot in de poriën.
Is deze diep door het stofgaande mea culpa eigenlijk wel nodig? In feite niet, maar mijn Lief kan niet eeuwig in haar lachstuip blijven, immers als je de hele dag smakelijk om mijn zo veranderde gewoontes blijft lachen moet het toch ooit fout gaan. Gelukkig lach ik er zelf ook maar een beetje om, als een boerin met kiespijn natuurlijk.

Ik kan het niet verklaren, maar sinds mijn extra hormonen een vaste plaats in mijn leven kregen bijna 4 jaar geleden, lijkt het wel of ik al mijn ordening, structuur en oriëntatie ben kwijt geraakt. Eigenlijk wil ik dit helemaal niet, wil ik niet toegeven aan mijn nieuwe gewoontes, dat al jaren door mij verafschuwd gedrag. Heel langzaam is het mijn leven ingeslopen, ongemerkt, maand na maand en in kleine stapjes.

Inderdaad, mijn handtassen zijn stevige shoppers (kan zo lekker veel in), moet ik mezelf dwingen mijn rotzooi in mijn tas op te ruimen, ben ik een stuk beter geworden in multitasken, maar wel heel erg ongestructureerd, moet mijn Lief regelmatig over de stoel tijgeren om de auto uit te klimmen als ik de auto weer te dicht op een muur of buurman heb geparkeerd. Last but not least, sta ik nu op het randje te miepen. “Spring dan toch”, roept mijn Lief me wat dwingend achterna.

De kaarten zijn gekeerd, althans de mijne. Ik schaam me inmiddels intens, heb berouw over mijn jaren miskenning van ondergewaardeerde vrouwelijke kenmerken. Gelukkig kan ik er zelf inmiddels ook om lachen, zelfs als mijn Lief toch weer in een van de eerder zo verguisde vrouwelijke gewoontes vervalt. Ze horen er gewoon bij.

Prinses, of Heks?

Didi, my princess, you’re looking so beautiful.

Samen met mijn Lief ben ik een sierradenwinkel ingelokt. Hij is designer zegt ie. De praktijk leert dat hij de kralen in een zelf gekozen volgorde aan het snoertje rijgt. Zeker een uur showt hij alle mogelijke kettingen, oorbellen, arm en enkelbandjes. Terwijl wij nippen van onze thee -”you want some more the?”- draait hij om ons heen. Zijn complimenten kennen geen grens. Didi, my princess, mijn gevoel reist torenhoog. Ja, Turkse mannen, ik smelt bijna weg.

Na een uur pas kunnen we ons losmaken. We bedienen ons van een oude “Hollandse Truc”, we willen er nog even over denken. Wat wil je, onze eerste dag, nog Hollands bleek en onervaren, alleen maar opzoek naar wat groente en fruit voor die dag, laten we ons meteen charmeren en verleiden, suffe trienen als we zijn.

Het regent, het is koud en de rotzooi in ons drijvende huis reikt tot ver boven de keukenkastjes. Dan midden op de ochtend, net als ik weer wat meer ordening wil gaan brengen staan ze daar, twee monteurs klaar om een technisch probleem dat ik niet volledig op kan lossen voor me op te pakken.

Ik zou dankbaar en nederig moeten zijn dat zij zich verlagen mijn probleem op te lossen. Het tegendeel welt in mij op. Moet dat nu echt op dit moment, kunnen jullie niet beter eerst je andere klussen bij ons af komen maken? Moet echt alles uit die berging nu perse de regen in? Is het niet handig eerst aan mij te vragen wat er is en wat ik er al aan gedaan heb?
Neen dus. Vrouwen, weet wel aan wie je het vraagt? Zonder een woord snellen ze met schroevendraaier en meetgeval rond. De door mij in alle haast opgezochte tekening van de bedrading wordt geen blikwaardig gegund.

Ik krijg een rode waas voor mijn ogen. Ik kan dit niet, 35 jaar lang loste ik de technische problemen zelf op, lag ik op mijn buik naast monteurs, ontbrekende kennis aan te vullen. Zorgde ik 40.000 zeemijl samen met mij Lief voor alle techniek. Van Finland tot Kaap Hoorn met multimeter, bahco, schroevendraaier en tang. Ja een “tang” ben ik, denk ik. Het valt me zwaar niet serieus genomen te worden. Het valt mij zwaar als ze zonder overleg aan mijn troetelkind komen. Ik kan dit niet, ik haak hoorbaar af.
Een tang? Een heks? “… my period? De mannen vluchten van boord?

Over een paar dagen proberen ze het weer, dit maal met mijn Lief, die kan er beter tegen, die verhouding tussen Turkse mannen en buitenlandse vrouwen. Ik ga wel een ommetje maken.

Didi, Princess? Heks? Voorlopig het laatste ben ik bang. Ik kan nog niet goed me ze omgaan die Turkse mannen in mijn omgeving.

Hormoontjes

In een van de wachtkamers die ik als transvrouw regelmatig bezoek, valt mijn oog erop: “PMS, kan je laten exploderen, boos worden om niets. Ineens ontpop je je van redelijk en gematigd in een gestrest kreng vol moodswings”. Het vangt je een paar keer per jaar, hooguit een week, hooguit eens per maand.
Heb ik even geluk denk ik nog. PMS zal mijn deur altijd voorbij blijven gaan. Als transvrouw ben ik er gewoon niet voor toegerust.
Een reportage een paar weken geleden, “uitzending gemist”, zoemt in op de overgang. Weer zo’n programma vol onbegrip en moodswings. Niet eens per maand, maar een keer in je leven, misschien wel 10 jaar achter elkaar. Weer kan ik “begripvol” aftikken, op mij zal de overgang pas greep krijgen als ik definitief stop met mijn oestrogeenpleisters. Afgezien dan van een week of zes rond mijn operatie in Thailand, ligt dat moment nog heel ver weg voor mij. Ik verheug me er niet op.
PMS, Overgang, beslist geen feest, mijn Lief weet er alles van. Hormoonschommelingen vlak voor de menstruatie, teruglopend oestrogeen in de overgang. Het effect op je humeur, en dat van je omgeving, weten we allebei, is stevig.
Met mijn vaste hormoonafgifte uit de oestrogeenpleisters en mijn tot nul teruggebracht testosteron moet ik me toch veilig voelen voor de hormoonswingers. Tenminste dat dacht ik echt, tot ik tenslotte zelf aan begon…
Iedere dat ik van de lage temperaturen in Nederland naar de warmte van de Middellandse Zee of de Tropen reis, ben ik een aantal dagen absoluut niet te genieten ben. Ook merk ik ook dat ik als ik fysiek ongebruikelijk stevig in touw moet, dat mijn stemming aardig wordt aangetast. Is het niet een gewoon voorbeeld van “kip en ei”, als ik heel boos of verdrietig ben, lijkt het wel of ik het nog maar eens lekker versterk.
Ik geloof niet meer in mijn “flatline” hormoon regime. Volgens mij zitten er door allerlei oorzaken nog steeds pieken en dalen in. Stijgt mijn tot nul teruggebrachte testosteronniveau ineens als ik me een paar dagen zwaar inspan toch weer merkbaar in mijn gevoel. Krijgt door de stevige temperatuursprong in korte tijd, net als bij boosheid en verdriet, mijn stofwisseling een forse duw, reageer ik ineens anders op de oestrogeen, produceer ik elders in mijn lijf plots toch weer meer of juist minder van de hormonen die mij gestrest doen zijn.
Als ik er zo over nadenk bekruipt me nog iets anders. Is de “overgang” van Lief, echt wel gelijk aan “overgaan”? Onderzoek leert dat de teruglopende oestrogeen spiegel van cis-vrouwen, “natuurlijk goed uitgeruste vrouwen”, in de overgang helemaal niet naar 0 terug loopt, maar alleen maar belangrijk verlaagd. Ook haar lijf reageert dus af en toe wat springend op de hormonen. Nog zo’n hormoon stuiter dus in ons huis, zo’n hormoonpin die af en toe uit de granaat ontsnapt.
Neen, hormoon sprongen zijn nog jaren mijn deel, ons deel kan ik beter zeggen. Leuk voor mijn omgeving, geen PMS week in de maand met plotselinge irritaties en oprispingen, nee gewoon een neo-pms risico iedere dag, maal twee dan wel te verstaan.
Af en toe explodeert er weer zo’n emogranaat in ons midden, heeft een van tweeën de pin er uit gestoten. Slaan de keukendeurtjes, sneuvelt er weer wat servies, ligt er weer wat make-up op de vloer. Het heeft een tijd geduurd voor we het allebei door hadden, door elkaar heenlopende cycli, toch af en toe lastig voor het gemoed.
Toch is er nog hoop. Onderzoek heeft ooit laten zien dat vrouwen die intensief samenleven zelfs ongewild hun hormooncycli op elkaar af gaan stemmen.
Dat zal wat worden, als we naast de periodieke vreetbuien, zelfs het servies cyclisch aan kunnen gaan vullen.

Ravijn

Wat kan een mens, ik! zich vergissen.
Al weken, misschien wel maanden loopt alles in en om me heen perfect. In een thema op een van de fora over moodswings en emotionele rollecoasters schrijf ik vol trots dat het gelukkig steeds minder en milder wordt.
En dan ineens…
Mijn hoofd voelt als een bowlingbaan waarop alle pins lukraak in een keer vallen. Vallen zonder strike. Een chaos en je krijgt er niet eens punten voor.
Als ik even kort wat licht in de tunnel zie, tref ik mezelf aan op de vloer naast mijn bed. De tissues uit de doos liggen om me heen verspreid, gebruikt.
Wat een paar dagen geleden zo mooi leek te gaan lijkt ineens in duigen. Een dagje shoppen met mijn Lief, brengt me in extase thuis. Zonder gekibbel, ieder haar “pas”kans, slenterend, bewonderend en spiegelend brengen we de volle dag zonnig door. Het resultaat, een mooie uitbreiding van de kledingkast, een nieuwe tankini, bh’s, mooie zomersandaaltjes, wat make-up en nog veel meer. We maken plannen voor onze inrichting. Het leven lacht.
En dan ineens, een scheuring. Ik dacht dat het elders in mijn omgeving geleidelijk beter ging, dat scherpe kantjes begonnen te vervagen. Dan wordt duidelijk dat er voorlopig daar geen plaats voor me is. Dat het helen van pijn veel meer tijd vraagt dan ik dacht. Ik kan het niet geloven.
Mijn hoofd draait dol, ik zie afgronden op doemen. Ik leg ze voor aan mijn Lief. Zij ziet wat gebeurt toch anders. Ik voel me niet herkent. Moedeloos kruip ik mijn bed in. Daar is het tenminste warm. Na een nacht zie ik nog meer ravijnen om me heen. Iedere stap die ik zet is tot mislukken gedoemd, althans zo denk ik. Nog steeds voel ik geen herkenning om me heen. Ik sta alleen, ik voel me alleen.
Het schokt me, ik heb het koud, ik ril. Ik kruip weg in een hoekje, ik voel een knak in me. Even later ben ik in tranen. Stromend langs mijn wangen. Een doos tissues later, loop ik schokkend droog, mijn tranen zijn op, mijn lijf schokt nog steeds. Het is alsof mijn emotionele rollercoaster plotseling met tomeloze vaart naar beneden raast, mijn zonnige rit verandert in mijn hoofd in een spookrit vol ongrijpbare gevaren. Ik raas langs ravijnen vol onvermoede spookbeelden.
Een knuffel en een schouder verder kom ik heel langzaam weer wat bij. Remt mijn rollercoaster af, breekt er weer wat licht in mij door.
Ik schrik van mezelf, wat is mijn emomasker broos, zelfs na drie en een halfjaar onveranderd hormonengebruik, word ik nu en dan toch nog mee gesleurd door mijn rollercoaster karretje. Nog bijna tien maanden dan moet ik een maand mijn hormonen stoppen, kom ik als het ware in de overgang. Ik ben weer eens gewaarschuwd, moodswings grijpen me nog steeds aan.

Undercover

We staan naast elkaar aan het fornuis. Zij pureert bietjes voor een ravioli met kruidige buitjesvulling, ik los de gelatine op voor de veel te machtige tiramisu. Het gaat het met je? 14 dagen geleden sprak ik haar voor het laatst; ze is ruim zeven maanden zwanger. “Steeds meer “harde” buiken, je kent het zelf vast ook nog wel. Moet het wat rustiger aan doen, loop nu bij de fysio”. Ik knik, bekkenbodem, instabiliteit. ” Ja, precies”
Het voelt zo gewoon, zo’n gesprek je over de pannen, de boodschappenkar, over mijn tekenpapier, bij de voordeur of op straat. Wat valt er in een transitie nog te doen als je eigenlijk alles al hebt gehad, alle coming-outs achter de rug zijn, al maanden lang nergens meer gemeneerd wordt en eigenlijk gewoon wil gaan doen.
Precies, “gewoon” doen, de vraag is alleen hoe gewoon is gewoon?. Terugkomend vanuit het buitenland probeer ik de draad weer op te pakken, familie, vrienden etc. Tussendoor bezoek ik samen met mijn Lief noodgedwongen af en toe de VU. De zelfdiagnose moet uiteindelijk nog wel bevestigd worden.
Ik geef het voortaan “gewoon” doen, mijn sociale integratie als vrouw, wat meer kader, gewoon doen als oudere vrouw, oma en moeder, vrouwelijke partner. Een actieterrein dat mij waarschijnlijk het best ligt. Nu ik toch al zolang niet meer gemeneerd wordt, moet dat toch lukken. Ik ga “stealth”, onzichtbaar. Anders dan bij de meeste vrienden en kennissen, hoeft verder niemand meer te weten van mijn verleden als man. Niemand vertel ik verder van mijn worsteling als transseksuele vrouw. Alleen als dat, zonder het zo te benoemen, ooit eens in de sfeer van een verhaal zo past. Ik ga undercover, hoewel echt undercover is het niet, het is mijn nieuwe jas. Een jas die ik eigenlijk al tijden draag en nooit meer uit wil doen.
In mijn tekenclubje, zo noem ik mijn dinsdagochtend teken en schilderles maar even, vind ik precies de lotgenoten die bij me passen. De meeste zijn moeder of grootmoeder, verwachten een kleinkind en passen qua leeftijd en leefwereld precies. We tekenen dit keer anatomisch correcte figuren. De opmaat voor het echt tekenen van een persoon. Al snel komt het gesprek op onze eigen maten, hoe de overgang de een tot gewichtsverlies brengt , terwijl de ander juist aankomt. De hormonen vliegen over tafel, typisch mijn ding, ook vol hormonen, ook in een soort overgang, ook mijn gewicht vloog er een paar jaar geleden zo af. Ik babbel leuk mee.
Als een van de mede tekendames op een dag grootmoeder wordt rollen de bevallingsverhalen van de dochters over de tafel, onmiddellijk gevolgd door die van ons zelf. Nou ja, beken ik eerlijk, ik kan geen kinderen krijgen, mijn Lief deed al het werk. Er wordt begrip vol geknikt, de vrouw-vrouw relatie –mijn vriendin- heeft ook meteen haar plek.
Nog geen uur bezig op een kookworkshop en het bevallingsverhaal , andere deelneemsters, loopt al weer keurig in het spoor. Wederom deel ik mijn ervaring, misschien de volgende keer er ook bij vertellen hoe ik om drie uur in de nacht de bevalling bij mijn Lief C zelf maar deed, omstrengeling verhelpen, forceren adem te halen, zorgen dat er nieuw leven kwam in dochterlief. En met succes, nu bijna dertig jaar later is ze, een van de belangrijkste steunpunten onder mijn transitie.
Soms voel ik me alsof ik dans op het slappe koord, stapje voor stapje in een wereld die ik me juist in haar nuances steeds meer probeer eigen te maken, bang te vallen, gericht om voldoende gracieus de overkant te bereiken. Niet vallen en vooral niet opvallen.
Gewoon doen draait niet alleen om mee kunnen praten, de zeden en gewoontes. Het gaat ook om voorkomen en verschijnen. Mijn hoofddoekje, nog niemand heeft, anders dan in het buitenland ooit gevraagd, hoe erg het nu met me is? hoe lang ik nog te leven heb? De juiste toon, de juiste intonatie. Zelfs in het gesprek met mijn omgeving, mijn kook en tekenclubjes, mijn uitgevers lukt het me nog de juiste toon en hoogte te vinden.
Een transitie is een overgang. Een overgang van werelden. Stapje voor stapje maak ik voortgang, kom ik steeds dichter bij mijn doel. Onzichtbaar, onmerkbaar en niet waarneembaar maak ik me mijn nieuwe wereld eigen.

Tijd tekort

Ik kan me de dagen nog heugen dat ik om 6.15 naast mijn bed, om 6.45 al gewassen en ontbeten in de auto zat. Ooit, toen de vrouw in mij nog mannetje speelde.

Hoe anders is het tegenwoordig. Voor of na het ontbijt, vroeg (5.30 VU) of laat (7.00 zondags) opgestaan, het maakt niet uit. Het lijkt of de tijd in de ochtend veel sneller gaat. Eenmaal het ontbijt achter de kiezen is het alsof de klok een spurt in zet.

Het is een race tegen de klok; douchen, haarwassen en föhnen –zelfs mijn haar vraagt daarom-,  de juiste broek, rok of trui voor vandaag uitzoeken, de keuze van gisteren weer opgevouwen in de kast achterlaten. Geen outfit is af zonder een passende hoofddoek; oh en dan mijn laarsjes, welke zal ik vandaag nu weer eens pakken uit de kast. Wat was het in die tijd van “ooit” toch simpel, elke twee dagen een schoon overhemd, wekelijks een ander pak, een maandlang lopen in het zelfde weekend kloffie.

De enige winst in de ochtend is mijn baard, sinds de hormonen en zeker sinds de gezichtsepilatie is mijn baardgroei aanmerkelijk verminderd. Alleen die oorbellen, ze zullen wel nooit vriendinnen worden met mijn Philishave. Een voordeel heeft dat wel, kan ik dagelijks weer een ander stel oorbellen in hangen.

Dagcrème, make-up, de tijd vliegt en mijn handen trillen. Onder aan de trap vraagt Lief C of ik nu eindelijk klaar ben. Lang geleden in die tijd van “Ooit” was het anders om. Zat ik al met ronkende motor klaar in de auto; nu is het omgekeerd. Hoewel, we zijn de autosleutels toch altijd kwijt.

Neen, ik denk dat er maar een manier is om de vliegende tijd in de ochtend te weerstaan; eerder op staan, gewoon als Lief C. Zij kent de klappen van de zweep al wat langer. Een vrouw heeft gewoon meer tijd nodig in de ochtend.

Vorige Oudere items