Leesmap

Ik had ooit een intensieve relatie met de leesmap. Niet dat we thuis zo’n ding hadden, neen. Driemaandelijks was mijn gemillimeterde haar toe aan een beurt met de tondeuse; en de leesmap. Even een moment vrij van NRC, Volkskrant en FD; even een zaterdagje leesmap. De leesmap was gesplitst, voor mijn soort mens restte alleen bladen als Voetbal International, de Nieuwe Revu, Panorama, Autoweek en Actueel.

Inmiddels al weer tien jaar verder durf ik te bekennen dat mijn interesse eigenlijk bij de Viva en de  Flair lag.

Na een jaar hormonen begon ook mijn haar weer wat te groeien. Verrast riep de kapster, toen ik een middagje met Lief C meeging, “weet u dat u twee soorten haartjes hebt; dunne sprietjes en korte dikkere?” Nog onwetend hoe het ooit met me zal verder gaan besluit ik de dikkere korte haartjes een kans te geven; ik laat mijn haar groeien. Telkens als ik in Nederland naar de kapster ga mag ze de nieuwe haartjes een extra kans geven, de gespleten puntjes verwijderen; telkens in het buitenland strijd ik voor mijn genderidentitiet “I am a woman; I want a female haircut”. De Singaporese stagair in Maleisië begrijpt me niet helemaal; het is ook wel moeilijk die kale vrouw zonder hoofddoekje niet als man te zien. Nog net kan ik een stevige knipbeurt van mijn zorgvuldig gekoesterde lengende haren voorkomen. Er een beetje af halen of er nog een beetje op laten staan ligt kennelijk taalkundig dicht bij elkaar.

Nog maar nauwelijks begonnen aan mijn Viva ben ik al aan de beurt. Als ik mijn hoofddoekje af doe, is ze verrast, op de kale bol staan nog steeds donshaartjes die vechten voor hun bestaan, maar de rand erom heen is inmiddels een centimeter of vijftien lang. Jolig springen ze onder mijn shawls en mutsjes uit; af en toe liften ze zelfs mee in mijn haarklem. Langer, steviger en steeds meer; de kale bol zal wel nooit een bos worden, de rest doet stevig z’n best. Resultaat van drie jaar Androcur.

Een van de minst vrouwelijke gedaantes die me in het leven overkomen; met een gewassen hoofd in de kapsalon tussen de dames om me heen, naarstig vrouw zitten te zijn ondanks de hinder van een wel heel erg manlijke hoofdoutfit. De kapsters; een van de eerste plekken waar ik me echt als vrouw in het klantsysteem heb laten zetten. Een speciaal plekje wat buiten de eerste vragende blikken geeft me toch weer iets van mijn vrouwgevoel terug.

Als de puntjes er van af zijn en de haarlijn weer wat minder kartelig is, ben ik klaar; mijn hoofddoekje mag weer om, zelfs de krulletjes spelen er weer onderuit. Nog een paar maanden, dan rust het op mijn schouders.

Lief C heeft wat langer nodig. Ik kan nog even terug naar mijn Viva.

Advertenties