Naïef

Ik heb het al vaker geschreven. Ik ben gewoon te naïef. De laatste jaren, tijdens mijn transitie, merk ik dat ik mijn kritische scherpte kwijt ben geraakt. Het gekke is, eigenlijk ben ik van nature heel achterdochtig, bijna op het paranoïde af, maar tegenwoordig, het lijkt wel of ik nergens meer wat achter zoek.
Het strookt niet met mijn rollen in het verleden. Altijd heb ik in mijn werk mijn vingers nageteld, partners gecheckt, contracten door de wringer gehaald. En nu, sinds ik ben gaan schrijven en mijn transitie begon, word ik overvrouwd door goedgelovigheid.
5 jaar geleden ergens in de rimboe van Oost-Brazilie, op een rivier, mijlen verwijderd van het dichtstbijzijnde dorp, hoorden wij op een nacht geschuifel aan dek. Misschien was dat wel de laatste keer dat ik vol argwaan eerst heb gehandeld alvorens iemand te vragen wat hij, of zij, daar eigenlijk kwam doen.
Het was een hij, tenminste toen hij op het dek van zijn bootje terugbelandde werd me dat duidelijk. Door mij van boord gezet, gaf hij een schreeuw. Met een ferme duw aan zijn bootje -ik was nog niet aan de hormonen, toen kon ik dat nog- en een angstkreet vol “Distancia!” duwde ik met hem ook mijn argwaan van me af.
Bij het uitkomen van mijn vorige boek liep de samenwerking met mijn uitgeverij soepel en prettig. Reden temeer om op die voet door te gaan en de uitgever voor de volgende, kinderboekjes, weer te benaderen. Soepel en vlot komen we tot overeenstemming en wordt het contract getekend. Dan plots blijkt de regel in het contract dat de uitgever zich verplicht de boekjes binnen een jaar op de markt te brengen tot in extreme bewaarheid. Ik ben woest. Het vorige boek (250 blz.) lag na een maand/twee maanden in de winkel, en nu, voor nauwelijks 40 bladzijdes bijna een jaar productietijd! Een zware maand volgt waarin ik mijn naïviteit tot in mijn poriën voel. De nodige telefoontjes en mailtjes later weet ik november naar april te verschuiven. Hoewel ik het nog als erg matig ervaar, is het in elk geval beter dan het eerst is geweest.
Af en toe post ik een vraag of reactie op een van de fora die ik regelmatig bezoek. Zo ook een aantal weken geleden. Binnen dertig uur was mijn onschuldige vraag gegroeid tot een potentiële splijtzwam van formaat. Slechts door de discussie op mijn naïeve vraag op het betreffende forum te sluiten, keerde de rust weer terug. Ik had antwoorden en reacties op mijn kennelijk naïeve vraag, maar de stofwolk die ik veroorzaakte deed me pijn.
Ik volg de fora niet continue, er moet ook nog gewerkt worden tussen het mailen en posten door! Ineens op een avond, als ik ,om niet te vroeg in slaap te vallen, nog wat mail en post in mijn virtuele forumwereld, blijkt de vlam weer eens in de pan geslagen. Net als ik niet mee doe wordt een bitch-fight uitgevochten. Niet de eerste keer, de vorige keer nog maar enkele dagen eerder, werden weer anderen gekneusd. Nog maar enkele weken daarvoor, was hetzelfde al aan de hand. Het doet me pijn, alle kneuzingen van anderen waarom ik geef. Alle gevechten in de posts, al het bitchy handelen, al het “bankschroef”gedrag naar moderatoren. Soms voel ik me een vrouwelijke B-klasse bokser die per ongeluk in de Première League is beland en naïef tussen de klappen door vaststelt dat ze “het” niet aan heeft zien komen.
Het lijkt wel of ik met mijn transitie ook een soort vrouwelijke onschuld over me heen heb gehaald. Een gewaarschuwd mens telt voor twee, zeker voor mij, als vrouw. Het zal me niet meer overkomen overlopen van vertrouwen in de uitgever. Overlopen van onschuld en vertrouwen in de virtuele wereld om me heen.
Een aantal dagen geleden sprak ik een andere uitgever. Ondanks dat de kinderboekjes niet bij hem uitgegeven kunnen worden –hij is er, zeker ook over de afbeeldingen van Erika Flach, heel enthousiast over- wilde hij toch met me in gesprek. Vol scepsis en met een lijst vol kritische punten, vraag ik hem in een volle zaal auteurs, het hemd van het lijf. Hij overtuigt me, op alle fronten.
Volgende keer toch nog maar eens heel kritisch ook een aantal andere aspecten doordenken. De naïviteit verlaten, toch maar wat meer achterdocht in het gesprek. Misschien is dat wel een groei in mijn transitie, gewoon mijn vingers weer wat meer natellen bij wat ik doe.

Advertenties