Zonder aarzeling

Achter in de hoek van de behandelkamer ontwaar ik achter een gordijn een krukje. Geroutineerd ontdoe ik me van mijn laarsjes, doe mijn panty naar beneden, leg discreet mijn broekje met verbandje op de vloer, schuif mijn jurk naar boven en schuif op de stoel. Klaar voor wat er komen gaat, ik voel geen aarzeling, hoe weinig vrouwvriendelijk mijn ligging in de inmiddels gekantelde stoel ook is.

Ik realiseer het me al een tijd, het bijna exhibitionistisch gemak waarmee ik me tegenwoordig bloot geef.

Jarenlang, eerst niet bewust, de jaren daarna toenemend bewust heb ik me verscholen, wist ik geen raad met mezelf. Voelde ik me geen jongentje, maar wat wel wist ik ook niet. Voelde me later anders, wist wat er speelde maar wilde er niet aan. Wist diep in me dat ik een meisje, vrouw was -1968- maar kende nog teveel aarzeling het wereldkundig te maken. Je zou wel gek zijn.

35 jaar heb ik als een soort stoplicht mijn dubbele leven geleefd, wetend en negerend wat ik pas jaren later echt durfde te vertellen. Geleidelijk legde ik me er in die tijd bij neer nooit kinderen te kunnen baren of te zogen. Een pijnlijke berusting, dat wel. Geleidelijk wende ik er aan, samen met mijn partner mijn binnenste gevoel te koesteren en ruimte te geven en –er mee conflicterend- door te gaan de presentatie aan de buitenwereld van mijn schijnbare buitenkant. Ik wist wat ik was maar voelde me telkens weer een vreemde eend in de vrouwelijke bijt. Een rationeel vermoeden dat nog lang geen acceptatie in mij vond.

Zelfs toen ik het 12 jaar geleden voor het eerst echt aan mijn toenmalig psycholoog vertelde, aarzelde ik nog. Ik weet het rationeel, maar wil er gewoon nog niet aan. Pas als ik nog iets later in de tijd, inmiddels zeven jaar geleden, fulltime “androgyn” ga, compleet met hormonen, hoofddoekjes, spaghetti shirtjes en “ieneminie” broekjes en bikini’s, vind ik het vooral prettig en fijn, maar vertel ik mezelf nog steeds niet eerlijk wat ik bezig ben te doen.

Een spoedafspraak met de huisarts kentert mijn aarzeling. In een A4’tje schets ik mijn hele verhaal, ik aarzel niet langer. In een 20 minuten afspraak ga ik samen met mijn Lief volledig met mijn billen bloot. Een gesprek later al erkent hij mij als transvrouw en switched me na overleg met de VU van pillen naar pleisters. Het A4’tje krijgt een vervolg bij de VU in mijn levensverhaal. Ook mijn Engelse genderpsycholoog neem ik mee aan de hand van hetzelfde document.

Het is bijzonder te zien hoe ik geleidelijk in de tijd gewend raak, chattend en pratend met artsen en psychologen, mijn verhaal als transvrouw met de verkeerde accessoires te vertellen. Geleidelijk ook de-medicaliseer ik het traject. Steeds makkelijker lukt het me het verhaal te vertellen, steeds makkelijker zie ik mijzelf vooral als vrouw met een onvolledigheid. Steeds meer begin ik mijzelf te accepteren, niet alleen rationeel maar geleidelijk ook van binnen. De transitie van mij en mijn Lief is vooral een sociaal traject waaraan de medici en psychologen van tijd tot tijd deel mogen nemen.

Belemmeringen vallen steeds meer weg naar mate het verhaal vaker is verteld, de stappen duidelijker zijn gezet. Er ontstaat iets zelf bewusts. Of ik nu in het kleedhokje bij de X-ray in Chonburi verzocht wordt mijn bovenlichaam te ontbloten –even your bra- , al spontaan ga klaar liggen op bed –broekje naar beneden- als de Suporn verpleegkundige langskomt voor het dagelijkse bezoek, of bij de grote meester op tafel lig voor een kleine revisie –een uur mijn benen in de steunen, wat oncomfortabel. Telkens weer werk ik zonder aarzeling mee. Steeds meer voel ik me op mijn plek.

Na veel geharrewar is er eindelijk een oproep voor het twee jaarlijks bevolkingsonderzoek. Als ik, wederom met ontblote bovenkant, het kleedhokje uitstap vraagt de dame die het apparaat bedient of ik al vaker ben geweest. Ik aarzel niet haar vraag te ontkennen. Ze neemt de tijd voor me, “u hebt ongetwijfeld al het nodige mee gemaakt. Informerend –betrokken en met voorzichtigheid- stelt ze mijn weinig weelderige voorgevel aan haar pletterij bloot.

Terug van de Thaise snijtafel proef ik bij de artsen op mijn pad welgemeende interesse. Interesse in het hoe en waarom van de Thaise techniek, de overeenkomsten en verschillen tussen de verschillende operatiemethodes. Ik merk hoe anderen me als transvrouw, vooral als vrouw zien en niet direct meer als trans.

Je transitie is nooit af denk ik, toch merk ik dat ik op mijn reis inmiddels een flink stuk op weg ben. Een behoorlijk stuk op weg vooral ook mijzelf als vrouw te leren aanvaarden. Op weg niet langer een indringer in een andere wereld te zijn.

Advertenties

Komt een vrouw..

… bij de dokter.

Met paspoort en verwijsbrief meld ik me bij de balie Gynaecologie van mijn lokale ziekenhuis. “Gaat u zitten mevrouw, we lopen iets uit. U wordt zo geroepen.

Wanneer is je transitie af? Nooit? Hoewel, er is een moment dat je aardig bent uitgereisd.

Na –tientallen- jaren van vooroefening, als een atleet die voor en achteruitstappend, voorafgaand aan de grote sprong het moment zoekt, het tijdstip bepaald, de omstandigheden inschat, alvorens zich in een explosie van energie te lanceren. Dromend, proberend, inlevend, experimenterend wipte ik van de ene voet op de ander, twijfelend tussen aarzelen en doen, tussen vooruit stappen en terug nemen. Tot het moment dat ik de telefoon pakte en een afspraak –urgent- met mijn huisarts maakte. Eigenlijk liep mijn transitie toen al een paar jaar –ik gebruikte al 2,5 jaar hormonen, werd regelmatig correct gegenderd –lopend naar de toilet sprak een man me ooit aan met “mevrouw, de dames toiletten zijn aan de andere kant”- en kocht alleen nog maar broekjes en hemdjes waar je zelfs je dochter liever niet in ziet lopen.

Verbijsterd liet ik hem achter met mijn vraag. “kun je mijn hormonen voorschrift overnemen? Het lukt me niet langer om ze zonder ernstige problemen met het de Officier van Justitie te importeren”. Misschien heb ik hem wat overvallen, heb ik hem door zeven jaar lang grotendeels buitenlands te verblijven weinig kans geboden met me mee te groeien; een eufemisme! Dat ik uiteindelijk in de reguliere procedures en processen terecht kwam, mijn hormonen weer kreeg en bij de VU netjes de wachttijd doorliep voor de diagnose opnieuw gesteld werd zal geen verwondering wekken. Soms moet zelfs een “kamikaze pilote” zich eventjes in de processen van de verkeerstoren schikken.

Ik zal er geen geheim van maken dat ik langdurig met de VU gesteggeld heb over de VU interpretatie van de Real Life fase (een jaar -incl overgangstijd- in nieuwe rol, een jaar hormonen gebruikend) ten opzichte van dezelfde interpretatie van de WPATH (World Professional Association for Transgender Health(care)). Immers waar begin je te tellen, na de VU diagnose of vanaf het moment dat je daadwerkelijk HRT gebruikend in je nieuwe rol gaat leven. In mijn geval een verschil van misschien wel 3 jaar.

Vanaf het begin van mijn gesprekken bij de VU heb ik er geen geheim van gemaakt uiteindelijk in Thailand geopereerd te willen worden. Houd het op planbaarheid, veronderstelde kwaliteit en de internationale oriëntatie van mij en mijn Lief. Dat dit de nodige gesprekstof opleverde met de VU zal geen verbazing wekken. Als trouw WPATH lid is ook voor chirurgen als Chet, Suporn en Preecha de “verwijzing” van een genderspecialist met daarin die 1 jaar HRT /1 jaar gewenste rol, essentieel.

Nog steeds veel buitenlands verblijvend heb ik mijn huisarts toen de hormonen weer voorgeschreven waren en de contacten met de VU waren gelegd maar beperkt verder bijgepraat; immers je mag er van uit gaan dat de VU de verwijzend huisarts regelmatig op de hoogte houdt van intake, diagnostiek en hrt voorschrift.

Maanden verstrijken met leven in mijn gewone rol, ook een bio-vrouw zit niet iedere maand bij de dokter, als het moment van de operatie daar is. Dankzij de chat met aanstaande en al geopereerde Supornistas weet ik redelijk wat me te wachten staat. Kennelijk gaf ook “eigen” gezondheidsverklaring geen reden vooraf nog onderzoeken te laten doen, zodat ik –althans voor mijn huisarts onmerkbaar- al snel op de operatietafel terecht kwam. Een smile op mijn gezicht en een wat verdoofd gevoel tussen mijn benen –wat eufemistisch- gaven zes uur later aan dat ik weer een stapje op mijn transitiereis had gezet.

Er gaat wat tijd overheen voor ik weer eens bij mijn huisarts kom. Thema dit keer, de “stand van zaken” en vooral “hoe nu verder?”. Ik had hem een jaar eerder al eens verteld mijn operatie in Thailand te willen ondergaan. Nu, bijna een jaar later kan ik hem melden dat dit inderdaad is gebeurd, dat de wonden goed helen, het zitten matig gaat en nog zo wat.

Verbluft hoort hij mij 30 seconden aan voor hij vervalt in een explosief tegengas. Het gesprek ontspoort en als ik 20 minuten laten buiten sta heb ik een verwijzing naar de gynaecoloog (de bloedspotjes bij het dilateren, is dat ernstig of kan ik er zes maanden mee naar het buitenland?), heeft hij mij toevertrouwd nooit meer met mijn genderissues opgezadeld te willen worden en is het me duidelijk dat ik misschien wel op zoek moet naar een ander huisarts.

Als ik een week later weer met hem in gesprek ga “gelukkig dat je belt, ik had er inderdaad niet zo’n fijn gevoel” over, is de storm wat gaan liggen. Hij is zich gewoon wederom rot geschrokken. In 20 minuten praat ik hem bij, informeer hem over de Standards of Care en de Endocrinology Guidelines en vooral, laat hem zien waar mijn transitie staat. Kort gezegd, hoe het proces van “bouwen en verplaatsen” vervangen is door “onderhoud”. Het proces van de genderdysfore vrouw verschoven is naar de vrouw die gevoelsmatig klopt en haar plek in de samenleving heeft hergevonden.

Ruim twee jaar heeft hij gedacht dat ik ondanks mijn doe-het-zelf drang voor de rest van mijn leven wel binnen de poorten van de VU zou verblijven. Gelukkig kunnen we er nu beter over praten. Is het hem duidelijk dat de “dochter” die hij onder de hoede had, is uitgevlogen en inmiddels weer gesetteld is, haar leven weer op de rails heeft en met een beroep als vrouw op gezondheidszorg. Het zal nog wel even duren voor het gevoel bij hem helemaal is geland. Voor hij in de verwijsbrief niet meer schrijft “heer heeft zelf afspraak gemaakt met gyno”. Voor hij berust in z’n plek als eerste aanspreekpunt voor prostaat controle bij een geopereerde transvrouw of als doorverwijzer voor hormoon voorschrift.

Een paar dagen later spreek ik hem op zijn verzoek weer. Ik heb inmiddels een prettig en open gesprek met mijn gynaecologe gehad, Hij neemt er de tijd voor. Uitgebreid vertel ik hem over de ins en outs van de verschillende technieken, over nazorg en ervaring van chirurgen, over Penile Inversion en de ook bij de operatie van vrouwen met een incomplete of zonder vagina gebruikelijke , Skin Graft techniek. Al pratend over bijwerkingen, hormoonregimes en complicaties zie ik hem schuiven. Geleidelijk begint hij me steeds meer als vrouw te zien. Een vrouw met een prostaat welleswaar. Zal ik je PSA meteen op dit labformulier invullen?

Hij belt me even dat de gewijzigde verwijzing klaar ligt. Puur voor mijn dossier, wat denk je zelf? zal ik je als “transvrouw” vermelden vanaf het moment dat je me een paar jaar geleden betrok bij je transitie proces?
Ik stem in.

Weer een stapje in mijn transitieproces. Of eigenlijk het zijne.