Onder ogen…

Het contrast is te groot. Ik heb het eerder al eens geschreven, als ik onder de douche uit kom raak ik ontgoochelt. Gelukkig is de spiegel doorgaans beslagen. Buitenlandse douches hebben helemaal geen spiegel, pas in de gemeenschappelijke de optutruimte, maar dan heb ik toch altijd wel iets meer aan. De beslagen spiegel laat me raden, ik weet wat ik tussen navel en knie aan zou kunnen treffen. Ik zie het alleen niet, de mist houdt de illusie voor me nog wat langer in stand. Nog een aantal maanden, dan mag de mist optrekken, wordt de illusie niet langer verstoord.
Schrijven, althans mijn soort, is af en toe gebaseerd op het creëren en in stand houden van illusies. Maar zelfs voor mij, en zeker voor mijn Lief, is er een grens.
Als ik de eerste avond mijn nieuw kapsel op de standaard zet valt er een stilte. Even gaat er iets niet goed. Ik heb niet de gewoonte ’s avonds in nachtpon nog in de spiegel te kijken. Dat heb ik de afgelopen paar jaar afgeleerd. Neen , ik heb dat gevoel alleen bij het ochtend gloren, als ik de eerste blik van de nieuwe dag, nog voor ik met mijn hoofddoekje in de weer ga, in de spiegel werp. Ik kijk niet lang, eerder per ongeluk. Gewoonweg omdat bij het binnenlopen van de badkamer de spiegel, nog onbeslagen, me niet te vermijden in de ogen kijkt. Wat ik zie vervult me met afschuw, een kaal hoofd, omringt met een krans van lang rossigbruin haar, als een slechte uitvoering van de beroemde clown Popov.
Al maanden maskeer ik deze desillusie bij het opstaan met een van mijn Buff mutsjes. Toch blijft er altijd nog dat kortstondig moment tussen het ontwaken en het besef, dat het zo niet kan. Tegen elkaar aankruipend delen we onze gevoelens, Lief C en ik. De verschillen aan de rand van de dag zijn te groot, de glimp van de man die ik ooit was breekt op die spaarzame korte momenten te nadrukkelijk door. Even is er D.., de man van vroeger. Dit kan zo niet meer, zo kan ik mijn Lief en mijzelf niet langer onder ogen komen.
Daar zo in het donker, de eerdere illusies weer terugbrengend in gedachte, maken we een nieuwe afspraak. De Buff-mutsjes waarmee ik mijn transitie begon, krijgen een nieuwe en mooiere plek in mijn leven, rechtsboven mijn hoofdkussen, altijd vindbaar bij dag en nacht. Voortaan, na het kortstondig ritueel van het ontdoen van mijn kapsel of losdoen van mijn hoofddoek, zet ik mijn Buff op, tot ergens verderop in de nacht. Vaak blijft ie zelfs de hele nacht zitten. Tegen de ochtend, ver voor een wekker of ochtendgloren, zet ik mijn Buff dan als het nog nodig is weer op, de vrouwelijkheid in standhoudend tot het winters ritueel van het opzetten van mijn kapsel –de UV gedurende 6 maanden in de warme streken tast de kleur van mijn nieuwe kapsel teveel aan- of het knopen van de zomerse hoofddoekjes.
Het beeld van de vrouw in mij raakt steeds beter gevuld, zeker nu dat glorende mannenrand je bij begin en eind van de dag nu ook verholpen is. Weer minder “man van vroeger”, weer neemt de nieuwe vrouw die ik ben, meer plaats in bij mijn Lief. Gelukkig niet alleen als illusie, maar ook in werkelijkheid.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: