Hoe eenvoudig kan het zijn?

De genderzorg is in de stress. Bij de VU zien ze geen kans de wachtlijsten weg te werken; 60 clienten van een van de andere zorg aanbieders staan in de kou, 1000 anderen kijken ook al aan tegen wachttijden van meer dan 2 jaar.
Is het onvermogen de gevolgen van het failliet van PII op te vangen, niet gewoon het failliet van de huidige genderaanpak van de VU?

Kijkend naar alle zorgen en persoonlijke drama’s rest er maar één conclusie; de genderzorg is de kinderschoenen ruimschoots ontgroeid. Dat mag ook wel, met een ontwikkeltijd van meer dan 40 jaar sinds Gooren de genderafdeling startte, is toegeven dat de kinderschoenen zijn gaan knellen geen schande. Tijd om de genderzorg volwassen aan te pakken; tijd voor een nieuwe koers.

In lijn met talloze andere “medische” aandachtsvelden, komt er een moment dat de gang naar de regionale aanpak moet worden gemaakt. Af met het centraal specialisme waar alles van diagnose tot behandeling en onderzoek in één hand blijft liggen. Op naar regionale teams, dicht bij huis voor de cliënt en open en toegankelijk voor zorgverleners -huisarts, psycholoog- in de eerste lijn.
En centraal, de VU? Blijft er centraal genoeg te doen? Wederom lerend van andere medische aandachtsvelden, meer dan genoeg!
Naast onderzoek en ontwikkeling – leer ook vooral van de standaarden die binnen de internationale “beroeps”organisatie worden ontwikkeld-, is opleiding en scholing een belangrijke taak. Daarnaast is zoals in elk academisch beroepsveld, de tweede lijns patiëntenzorg een terrein om op te kunnen onderscheiden, zowel als behandelaar als consultatief voor de “periferie”. Benut die kans! Publiceer er transparant over en kies de internationale kwetsbaarheid.

Om voldoende handvaardigheid te garanderen valt genderchirurgie wat buiten het regionale kader, het belang van voldoende geoefendheid bij een beperkt aantal chirurgen ligt hoger dan de eenvoudige toegankelijkheid. Dat sluit het inzetten van genderchirurgen met voldoende ervaring die elders werkzaam zijn niet uit, net zo min als het opereren op andere locaties om zo de druk op de beperkte capaciteit te verlichten.

Voorbijgaand aan de echt lastige situaties -daar is een centrale deskundigheid mogelijk noodzakelijk- is er op de keeper beschouwd weinig bijzonders aan het hele gendertraject. Het moet toch mogelijk zijn de transgenderdeskundigheid in de regio onder te brengen. Niet alleen qua diagnose, maar ook als dat nodig is begeleiding- elders binnen de zorg door psychologen, maatschappelijk werk, loopbaan coaches, opleidingsbegeleiders en anderen die verantwoordelijk zijn voor het “overeind” houden van de transgender in de knel.
Geen ziekenhuis zonder internist of gynaecoloog; geen wijk zonder huisarts. Stuk voor stuk zorgverleners waarvoor hormonen en hun werking op het lichaam dagelijkse kost zijn. Het moet toch mogelijk zijn dat kleine beetje extra “gender”deskundigheid dat daarvoor nodig is boven op hun jarenlang leerproces, bij hen over te brengen.
Of niet soms? Ligt het soms ingewikkelder? Kijkend naar de wereld om ons heen ligt er niets nieuws in deze ideeën. Toch komt het er niet van.

Oorzaak? De apenrots.

 

De VU -ooit kampioen transgenderzorg- kijkt naar de minister, en wil meer geld; ondertussen volhardt ze in de eenmaal gekozen werkwijze. De verzekeraars kijken mee en kijken vooral bijna verkikkerd naar de VU. De NZA en de inspectie zien toe. Iedereen wacht op elkaar. De heilige graal ligt in de “standaarden”; gevalletje “Slager keurt zijn eigen vlees”?
Regelmatig rommelt het in het cliëntenveld; diepe wanhopige zorg van de belangorganisaties; petities van initiatiefgroepen, en bij al de zijspoorverblijvers en langdurige wachters vooral verbijstering over zoveel schijnbare onwil om iets fatsoenlijk te regelen.
Hoe het een land vergaat dat ooit bijna wereldkampioen was en dat “proven concept” volhardt in z’n aanpak, is pijnlijk duidelijk geworden in de aanloop naar het WK 2018.

Wie pakt de keutel bij het juiste eind? Wie spreekt de apenrots aan op zijn primaat? Wie geeft de transgenderzorg nu eindelijk een volwassen structuur?

Hoe moeilijk kan het zijn?

 

Advertenties

… eh, nee; liever niet

Linkedin; …do you know?

Gedreven mijn netwerk te vergroten volg ik de vraag van Linkedin en click op “Yes”. Een “connect” verzoek flitst weg. Immers wie wil er nu geen bekende of oud-collega met uitgebreide “diversiteitsexpertise” in zijn netwerk.

Af en toe sla ik de plank stevig mis en blijft de respons achterwege. Bang er op aangekeken te worden? Bang klanten te verliezen? Bang dat het besmettelijk is?

Hoe dan ook, kennelijk is voor sommige -oud-collega’s, kennissen- een lhbt in het netwerk een brug te ver.

Aberraties

Aberr..wat?

“Hebt u last van seksuele aberraties?” Ik weet even niet wat ik hier mee aan moet. Hoewel, ze zullen vast niet bedoelen wat ik “voel”. Resoluut kruis ik “Nee” aan op het formulier. Ik ben toch niet gek?

Veertig jaar geleden solliciteerde ik naar mijn eerste baan; succesvol. Alleen nog een medische keuring, een tbc verklaring en dit mysterieuze formulier. Tja, seksuele aberraties?

“aberratio 1. Ziekelijke afwijking van de menselijke geest; afdwaling”  … gaf mijn woordenboek me fijntjes mee.

1977, de tijd dat Bruce Jenner nog een goede tienkamper was. Zo ging dat in die dagen. Als een aberratie een ziekelijk afwijking is, zo dacht ik, dan leek me de betekenis van de seksuele variant daarvan helemaal pervers; niet handig voor je eerste baan. Zouden midden jaren zeventig alle frisse nieuwe medewerkers zo’n moeilijke vraag voorgeschoteld krijgen? Een soort laatste examen voor de arbeidsmarkt.

Een seksuele aberratie? Wie op internet googled naar dit begrip stapt in een zwart gat vol victoriaanse normen en waarden. Kennelijk gemeengoed in het denken rond het begin van de tweede helft van de vorige eeuw.  Je moet er niet aan denken wat er gebeurd zou zijn als ik in mijn onschuld “ja” op het formulier had gezet. Reden genoeg om de kast met mijn “gevoel” nog maar even niet open te doen.

Gelukkig is in de loop van de jaren er veel veranderd in het denken, zijn de mogelijkheden ruimer, is mijn “aberratie” wat meer aanvaard. 15 jaar geleden hakte ik samen met mijn maatje de knoop door, kreeg wind in mijn zeilen en begon de reis binnen onze gezamenlijke reis. Nu weer een aantal jaren verder, 100% stealth –hormonen uit Oceanie, groen licht uit Amsterdam en fysieke correcties uit Chonburi en Tessenderlo- denk ik dat het goed is geweest; dat ik het formulier naar waarheid heb  ingevuld.

Ik ben toch niet gek, hooguit divers.

Belazerd

“Als je maar niet denkt dat je mij kunt belazeren. Dat je je vrouw tientallen jaren belazert moet je zelf weten, maar mij niet. Kl…wijf”

Een alinea vol niet-reproduceerbare woorden stort zich over de drempel.

Dan valt de deur dicht -in het slot gelukkig- en zie ik door het raam de man zijn in haast naar buiten gebrachte uitrusting naar zijn auto brengen.

De rust keert terug; ik lik mijn –vooral  virtuele- wonden en blauwe plekken. Kennelijk is hij een volger van een van mijn bloggen; iemand die eerst referenties checkt en al googlend op internet bij mijn sites, bloggen en columns is uitgekomen. Niet alle schrijfsels zijn hem blijkbaar goed bevallen.

We zoeken iemand die een paar dingen bij ons in huis in de keuken kan construeren en herstellen. Via via komen we bij de man uit. Hij lijkt een professional in hart en nieren.

De start is wat ongelukkig. Zijn drukke agenda maakt vooroverleg wat moeilijk. Hij is steeds weer niet beschikbaar voor vragen.  Om zijn werk niet te veel te remmen lijkt het ons goed alle punten –klantverwachtingen- die we nog helder willen maken, meteen bij aanvang van zijn werk met hem door te lopen. Een poging ruis te voorkomen.

Ruis? Storm ontstaat. Ik trek me terug; voor de lieve vrede. In de uren die volgen stapelen de incidenten zich op. Hij duldt alleen mijn maatje nog in z’n omgeving. Op een opmerking van haar dat het zo echt niet kan en dat zeker over technische zaken overleg met mij toch wel een vereiste is, reageert hij kort. Met mij –hoezo helft van de opdrachtgevende partij- wenst hij geen enkel contact.

Dan komt het hoge woord eruit. Hij wil nu alvast zekerheid dat hij eind van de week, als het werk nog niet af is, toch al voor 90% wordt betaald. Sterker nog, blijkt even later, hij wil nu al met nog vier dagen te gaan, geld zien.

Als ik er bij kom en wij hem vertellen dat het ons geen goed plan lijkt, beginnen zijn ogen helemaal vuur te spuwen. Hij grijpt me bij de keel. Niks virtueel, gewoon fysiek. Hij is buiten zinnen. Razend is hij op die vrouwen. In de volgende minuten, vloekend en tierend, grijpt hij al z’n gereedschap en mikt alles op de stoep voor ons huis. Ik help hem een handje.

Een illusie is gesneuveld. Af en toe draag ik bij aan enquêtes over ervaringen van LGBTI op het punt van discriminatie en veiligheid. Naïef dacht ik in een veilige bubble te leven. Eigenlijk dacht ik dat onze risicoperiode, zeker in eigen huis, wel achter ons lag. Ten onrechte blijkt nu.

Ik voel me belazerd.

Even Apeldoorn bellen

Overgangsklachten staat er op het etiket van mijn doosje met oestrogeenpleisters.  De overgang; eigenlijk dacht ik dat die wel voorbij was. Al heel lang geen opvliegers meer, geen nachtelijk baden in het zweet, geen emotionele huilbuien meer; zelfs de behoefte om ongecontroleerd een autoriteit, verzekeraar of instantie te wurgen komt al heel lang niet meer in me op.

Tot …

… een envelop de brievenbus in tuimelt. Een bijzondere gelegenheid die we met gepaste eerbied ondergaan, zoveel post krijgen we niet meer via de fysieke brievenbus dezer dagen. En nog wel van mijn levensverzekeraar. Eenmaal geopend en op tafel valt mijn mond open van verbazing, een nieuwe polis voor … De Heer ….; mijn vroegere ik.

Bijna tweeëneenhalf jaar geleden, de nieuwe Transgenderwet was net inktdroog en ingevoerd, voerde ik met als bewijsstuk het BRP afschrift en een kopie van mijn paspoort een 8-daagse emailcorrespondentie met de betreffende levensverzekeraar. Een pingpong wedstrijd vol bewijsstukken en toelichtingen zoals ik er in die eerste dagen van juli 2014 met zoveel instanties en verzekeraars voerde.

Het eind van de 8 daagse correspondentie was simpel “ Mevrouw …, we hebben de gevraagde wijzigingen voor u doorgevoerd.” Case closed; vinkje gezet, weer een actie op mijn lijstje afgekruist.

Bijna tweeëneenhalf jaar leef ik in alle onschuld, rond m’n transitie af en raak steeds meer aan het gewone leven gewend, en erger nog, raak ik er aan gewend keurig maandelijks de premie af te dragen. Tot deze polis me terugbrengt in de feestelijke dagen van begin juli 2014.

Premie afdragen voor een verzekering die nauwelijks meer mijn leven dekt; “bij onjuiste informatie houdt de verzekeraar het recht niet tot uitkering over te gaan” staat er subtiel in de kleine letters geschreven.

Wit heet, nog vochtig van de plotselinge opvliegers en klaar om de betreffende verzekeraar iets aan te doen -heel even speelt het “Haantje” in me op- klim ik in mijn toetsenbord. Wie wat bewaard die heeft wat Gelukkig vind ik in mijn emailbox de volledige correspondentie van die dagen begin juli 2014.

“Ik verzoek u per ommegaande deze omissie te herstellen, ten bewijze stuur ik u een afschrift van de volledige emailcorrespondentie en, nogmaals, een kopie van mijn inschrijving BRP en kopie van mijn paspoort”.

Benieuwd of het werkt, anders bel ik ze toch maar eens op; gelukkig loopt mijn rechtsbijstandverzekering elders. Mijn overgang is duidelijk nog niet voorbij.

Hart

oHart

Het zal je maar gebeuren; een hartinfarct. Een aantal weken geleden besteden de media extra aandacht aan de specifieke klachten van vrouwen bij een naderend hartinfarct. Reden de Hartstichting te benaderen met de vraag op welk “lijstje” ik als transvrouw, al jaren aan de oestrogenen, moet letten. Je weet maar nooit.

Het antwoord is helder, althans voor hen. Dat het jargon wat kort door de bocht is vergeef ik ze maar even.

“Transgenders blijven altijd de geslachtschromosomen houden waarmee ze geboren zijn, en die zitten in elke cel van hun  lichaam. Een man blijft XY, ook als hij een vrouw wordt. We weten dat op jonge leeftijd het geven van hoge doseringen hormonen met name  een negatief effect heeft op het krijgen van trombose en pas op middelbare leeftijd komen de schadelijke effecten ten aanzien van slagaderverkalking. Dit geldt voor beide soort transgenders.

De vraag welke klachten vooral bij transvrouwen ontstaan is nog niet de beantwoorden. Het is trouwens ook niet zo dat vrouwen altijd a-typische klachten ervaren. Ook zij kunnen bij een acuut hartinfarct de kenmerkende klachten krijgen zoals  beklemmende of drukkende pijn op de borst die kan uitstralen naar de bovenarmen, hals, kaken, rug en maagstreek en wat samengaat met zweten, misselijkheid of braken.”

Het duurde even voor het antwoord kwam. Een man blijft een man is hun conclusie. Verwonderlijk aangezien ik zelf eigenlijk inschatte dat het langdurig oestrogeengebruik – en langjarige ontbreken van de mannelijke portie testosteron- wel degelijk een risico zou vormen op klachten met “onmanlijke” symptomen.

Toch eens navragen op welke kant van het schema mijn huisarts eigenlijk kijkt als hij me weer een gering 10-jaars risico op hartfalen schetst.

Weer wat geleerd, maar of ik het antwoord echt zo vertrouw weet ik niet.

Misschien iets voor een VU-promotieonderzoek?   

Hard Roze

Hard Roze

Wat dralend sta ik voor mijn kast. Ga ik voor “pastel” of juist voor “hard”.

Euro Pride; Canal Parade. Statements bij uitstek. Maar weinig gelegenheden in het jaar geven de mogelijkheid zo duidelijk voor jezelf uit te komen.

Het is een algemeen misverstand dat alle boten bevolkt worden door in leer geklede halfnaakte mannen en glitterglamour dragqueens. Het is vooral de parade van de statements, de groepen die stuk voor stuk zeggen, ik ben trots om LHBT te zijn, wij geven ruimte aan LHBT. De parade van de steun, van politiek tot etnische groep, van sport tot bedrijfsleven, van militair tot schort, toga of witte jas.

Zoals de meeste LHBT’s is stealth mijn dagelijkse dracht. In de trein, op het werk, in het winkelcentrum of bij het tankstation, ik ben vooral gewoon, saai bijna, hooguit wat “pastel”.

Heel af en toe knalt het eraf. De sympathie, de voorkeuren, de steun aan de beweging. Knalrood in de “Borstkankermaand”, Paars bij Gay Straight Alliance, of ingetogen op Transgender Remembrance Day.

Morgen is de Canal Parade, bij uitstek een gelegenheid om voor je zijn uit te komen, om te laten zien wat er uit je kast is gekomen. Toch twijfel ik, Parijs, Brussel, Nice, München, Istanbul, Orlando; er is teveel gebeurd om ons heen. Gewone mensen als slachtoffers, soms zelfs doelbewust gericht op de LHBT gemeenschap. Morgen naar de Canal Parade gaan, is dat niet vragen om risico’s? Ik weet het even niet. Angst laten prevelleren en kiezen voor voorzichtigheid; zelfs tijdens Euro Pride nog kiezen voor “pastel”, de nauwelijks zichtbare nuance op het midden van de weg.

Eigenlijk te gek. Juist op een dag van trots, van zichtbaarheid en openheid, moet ik me niet laten vangen, laten knevelen, me terugtrekken uit angst voor gevaar.

Morgen ga ik voor Hard Roze.   

Vorige Oudere items